Nadat het Bijlokemuseum, het stedelijk oudheidkundig museum, in 2005 zijn deuren sloot, erfde het STAM het archief, de collectie en de bibliotheek. Uit dit materiaal komen we meer te weten over de werking van de voorlopers van het STAM en over de geschiedenis van de museumverzameling.
Tot 1884 viel het oudheidkundig museum onder de verantwoordelijkheid van de stedelijke erfgoedcommissie, de latere Stedelijke Commissie van/voor Monumenten en Stadsgezichten (SCMS). Beslissingen over het oudheidkundig museum werden in die periode genoteerd in de verslagboeken van deze commissie, die bewaard worden in het Archief Gent. Conservator Alfons Werveke liet alle passages over het museum en de collectie kopiëren en bundelen in registers voor het eigen museumarchief.
Vanaf 1884 beschikte het oudheidkundig museum over een eigen commissie. De verslagen van haar bijeenkomsten werden tot 1969 eveneens in registers bijgehouden.
De verslagboeken tot 1939 zijn gedigitaliseerd en kan je hier raadplegen:
Kopijen van documenten uit archief van de lokale Commissie voor monumenten (1819-1885)
Procès-verbaux des séances de la Commission (31.10.1884 - 20.4.1897)
Procès-verbaux des séances de la Commission (29.12.1897 - 25.3.1939)
De verslagen van de zittingen in de periode 1947-1969 kunnen worden geraadpleegd in het STAM.
Pas na het aantreden van Alfons Van Werveke als museumconservator in 1899 begon het museum met het bijhouden van aanwinstenregisters. Daarin noteerden onze voorgangers de aankopen voor de museumcollectie, de schenkingen en legaten, en de in depot gegeven objecten.
De oudste registers geven een overzicht van de aanwinsten vanaf de oprichting van het museum in 1833 tot het begin van de jaren 1920. De gegevens over de periode vóór 1899 zijn gereconstrueerd op basis van oudere vermeldingen in commissieverslagen en andere bronnen. Dit verklaart sommige objectbeschrijvingen vaag zijn en de registers onvolledig kunnen zijn.
Van Wervekes opvolger, Henri Nowé, startte bij zijn aantreden in 1930 een nieuwe reeks aanwinstenregisters. Die werden bijgehouden tot zijn pensionering in 1958.
Oorspronkelijk bevatten de registers geen inventarisnummers. Pas later, na de toekenning van de huidige nummers, werden bij sommige objecten inventarisnummers in de marge toegevoegd.
De registers vermelden ook objecten die niet langer tot de museumverzameling behoren. Wanneer een object werd overgedragen aan een andere instelling, kreeg het een verwijzing, zoals ‘archief’ (Stadsarchief, nu Archief Gent) of ‘F’ (Folkloremuseum, nu Huis van Alijn).
De registers van 1833 tot 1936 zijn gedigitaliseerd en hier te raadplegen:
Régistre des achats (1834-1920)
Régistre des dépôts confiés au Musée communal d'archéologie de Gand (1884-1910)
Comptes du Musée d'archéologie de la ville de Gand (18.6.1884 - 9.10.1916)
Registre d'entrée de la Société gantoise des amis de la médaille 12 décembre 1909
De registers uit de periode 1936-1958 zijn niet online beschikbaar, maar kunnen wel ter plaatse in het STAM worden geraadpleegd:
In de loop van de 19de eeuw liet de erfgoedcommissie meermaals een handgeschreven inventaris opmaken van de toenmalige museumcollectie. De meest uitgebreide inventaris dateert uit 1875-1878. Voor de objectbeschrijving deed het museum een beroep op M.A. Théodore Boll, een voormalige medewerker van de Gentse architect en verzamelaar Louis Minard. Zijn aantekeningen werden later geordend en gebundeld door de secretaris van de commissie, universiteitsbibliothecaris Ferdinand Vander Haeghen.
Deze inventaris bestaat uit vier delen: drie delen met Franstalige beschrijvingen en één met Nederlandstalige beschrijvingen. Sommige objecten zijn in beide talen beschreven. De nummering in die catalogus komt niet overeen met de huidige inventarisnummers, al zijn die soms later alsnog toegevoegd. De bijhorende index wordt bewaard in de Universiteitsbibliotheek Gent.