Eigenlijk is het zeer moeilijk om interieurspullen te vinden die gastarbeiders nog gebruikt zouden hebben in de jaren ’60 en ’70. Omdat ze niet het idee hadden om hier te blijven, wilden ze ook niet investeren in de inrichting van hun huizen. Vaak hadden ze er ook het geld niet voor. Ze kregen hier en daar wel hulp van gulhartige Gentenaars of gingen zelf naar de rommelmarkt om tweedehandsspullen te kopen. In de vroege jaren van de migratie verhuisden gastarbeidersgezinnen heel regelmatig. Op die manier is er dus veel materiaal verloren gegaan.