Opticaprent van het Rasphuis (Maison de Force) en de Coupure te Gent. De prent behoort tot de reeks van 12 opticaprenten die de Augsburgse uitgever Ioseph Carmine maakte naar aanleiding van zijn bezoek aan de stad Gent. Opticaprenten werden vooral in de 18de en het begin van de 19de eeuw geproduceerd en tonen meestal landschappen of stadsgezichten. Paleizen, kerken, stadhuizen, pleinen en straten zijn in spiegelbeeld afgebeeld, zodat ze met een optica-kijkapparaat kunnen worden bekeken. Door het gebruik van een vergrootglas ontstaat de illusie van diepte en perspectief. In de loop van de 19de eeuw raakten de opticaprenten, door de opkomst van de fotografie, steeds minder populair.
Het Rasphuis werd als stadsgevangenis opgericht bij decreet van keizerin Maria Theresia en gebouwd tussen 1772 en 1775, naar plannen van Ignace Balthazar Malfaison en onder leiding van burggraaf Vilain XIIII. Het gebouw werd in 1825–1826 voltooid door Roelandt tijdens het Hollandse bewind. Tussen 1937 en 1940 werd het afgebroken om plaats te maken voor de Landbouwhogeschool, nu de faculteit Bio-ingenieurswetenschappen van de Universiteit Gent. De gevangenis kreeg de naam Rasphuis omdat de gevangenen er oorspronkelijk werden ingezet voor het raspen van bepaalde houtsoorten, gebruikt bij de aanmaak van verf.