de driehoekige sjaal in zwarte zijden kant heeft geschulpte randen: de bovenranden zijn versierd met bloemenfestoenen, de zijranden met bloem- en bladsnoeren en uivormige motieven vergezeld door een rij van ovale medaillons met bloemtakjes. Centraal staat een grote symmetrische uitgewerkte bloementuil die bovenaan geflankeerd wordt door twee bloementuilen die tussen krullen aan de zijranden ontspringen.
Misschien is dit de sjaal die mevrouw A. Van de Kerckhove -Colpaert in 1906 aan het museum schonk.