Dit glasraam verbeeldt een allegorie van de rechtvaardige rechtspraak. Centraal zit een rechter op zijn troon, met de gerechtsroede in de hand, terwijl hij een oordeel moet vellen in een geschil tussen een rijke heer (links) en een arme boer of ambachtsman (rechts). De laatstgenoemde is barrevoets, draagt gescheurde kledij en heeft eerbiedig zijn hoed afgenomen voor de rechter. De rijke man daarentegen is sierlijk gekleed, draagt een zwaard en houdt zijn hoofddeksel op. Belangrijk is vooral dat de rijke heer de zetelende rechter een rijk gevulde beurs aanreikt, in de hoop hem om te kopen. Het tafereel waarschuwt voor corruptie en benadrukt dat rechtspraak onpartijdig en onafhankelijk moet zijn. Dit was een heel herkenbaar thema voor het 16de-eeuwse publiek.
Voor wie het beeld niet zou begrijpen, licht een moraliserend opschrift onder de scène de voorstelling toe door de rechter aan te sporen eerlijk en rechtvaardig te handelen en nooit te oordelen op basis van iemands aanzien of omwille van geldgewin. Tekst en beeld worden omlijst door rijk uitgewerkte grotesken, typische renaissancemotieven gekenmerkt door rijkelijke symmetrische decoraties, bizarre dieren en denkbeeldige wezens.
Het glasraam wordt toegeschreven aan Pieter Coecke van Aelst (1502-1550) die in de eerste helft van de 16de eeuw een atelier heeft in Brussel, waar hij naast schilderijen ook ontwerpen produceert, in de eerste plaats voor tapijten, maar evengoed voor glasramen en architectuur.