De scepter werd gedragen door de 'koning der Moorkinderen'. Deze was hoofd van een aantal stadsdiensten en fungeerde als ceremoniemeester van de stadsmagistraat. Bij belangrijke stedelijke plechtigheden liep hij voorop met deze wapenstok in de hand. Het stedesymbool - de Maagd van Gent - en het stadswapen vormen de bekroning.
Palissanderhouten ceremoniestaf met een zilveren hiel en een gedreven en geciseleerde zilveren bekroning, die gedeeltelijk verguld is. De staf heeft een balustervormige schacht; in het midden kon hij in 2 delen losgevezen worden en is hij omringd door een geprofileerde zilveren band. Aan de bovenzijde wordt de wapenstok ook omgeven door een zilveren band met profiellijsten, die eindigt op een breder, rond en van geprofileerde randen voorzien voetstuk, waarop de Maagd van Gent met de leeuw rusten en waaraan 4 binnenwaarts wijkende wapenschilden vastgehecht zijn. Op het schildje aan de voorzijde van de bekroning is het wapen van de stad Gent gegraveerd, nl. in zwart een getongde, gepunte en gekroonde klimmende leeuw van zilver. De eigenlijke bekroning, nl. de Maagd van Gent met de leeuw, is van massief, gedeeltelijk verguld zilver. De Maagd knielt met haar rechterknie terwijl zij in haar linkerarm de gekroonde, op zijn achterpoten staande, Gentse leeuw houdt en met haar linkerhand zijn linker voorpoot neemt.